Welzijn staat bij ons centraal
Zeer ervaren opleiders
Wij leveren maatwerk
Diversiteit in opleidingen en trainers

De rol van de dossiervormers binnen rechercheonderzoeken wordt steeds meer gewaardeerd en op waarde geschat. De commissie Posthumus heeft dan ook aangegeven dat de opleiding van dossiervormers een hoge prioriteit moet hebben (rapport ‘Versterking opsporing en vervolging’ van november 2005, hoofdstuk 5.7). COCON verzorgt de cursus dossiervorming in samenwerking met de docenten die aan ook de basis hebben gestaan van de trainingen op dit gebied.

Handleiding dossiervorming

Tijdens de cursus wordt gebruik gemaakt van het boek “Handleiding Dossiervorming” dat mede is geschreven door COCON docent Corné van Roosendaal.

Voor wie

De 10-daagse cursus richt zich op ervaren (politie-)mensen met weinig tot geen ervaring op TGO-dossiervormingsgebied die interesse hebben in dossiervorming in grote zaken, met name in TGO-verband. Bij voorkeur mensen die ervaring hebben in “grote” zaken. Enige ervaring op het gebied van dossiervormen is gewenst. Affiniteit met dossiervormen is beslist noodzakelijk. Recherche-ervaring is beslist noodzakelijk.

Aanpak

De cursus bestaat uit 10 werkdagen, verdeeld in twee delen van 3 en 7 (met een weekend ertussen) en een moment van individuele terugkoppeling (de terugkomdag). Het verdient de voorkeur, in verband met de opzet van de cursus, minimaal twee weken tijd tussen het eerste en het tweede deel van de cursus te laten. Daarnaast is het voor het tweede deel het prettigst, ook in verband met de opbouw van de cursus, om dit van maandag tot en met de dinsdag de week erop te laten plaatsvinden, met andere woorden: 5 werkdagen (maandag-vrijdag), weekend, 2 werkdagen (maandag-dinsdag).

Deel 1
In het eerste deel, bestaande uit drie opeenvolgende werkdagen, wordt een mengeling tussen theorie en praktijk behandeld.
De eerste dag wordt een dagdeel voor theorie ingericht. Er wordt aandacht besteed aan wat een dossier nu eigenlijk is en aan welke eisen een dossier moet voldoen. Er wordt veel aandacht besteed aan het “relaasproces-verbaal”. Wanneer de cursist vertrouwd is met de eisen die gesteld worden aan het hedendaagse relaasproces-verbaal en de kaders waarbinnen hij moet en kan werken, kan dat op ieder willekeurig dossier worden toegepast. In het tweede dagdeel van de eerste dag moet de cursist zelf aan de slag. De cursist maakt een –relatief eenvoudig- werkstuk, meestal een aanvraag voor de inzet voor een Bijzondere Opsporings Bevoegdheid. Dit wordt de volgende dag met de cursist teruggekoppeld.
Ditzelfde gebeurt op de tweede dag, waarbij de terugkoppeling op de derde dag plaatsvindt.
De derde dag wordt voornamelijk gevuld met theorie, voornamelijk over opzet en inhoud van het dossier en ABRIO. Daarnaast wordt aan het maken van een index aandacht besteed.

Deel 2
In het tweede deel wordt gestart met een TGO-casus. In zeven opeenvolgende dagen (gescheiden door het weekend) gaat de cursist aan de slag om mee te draaien als dossiervormer in het TGO, dat opgestart wordt naar aanleiding van de vondst van een lijk. In de zeven daaropvolgende dagen worden de verdachten opgespoord en aangehouden en moet de cursist het relaasproces-verbaal van het einddossier opmaken. Tussendoor zijn er nog een drietal tussentijdse opdrachten in te vullen. Allen in de stijl van het op te maken relaasproces-verbaal. Deze opdrachten worden tussendoor individueel met de cursist teruggekoppeld. Hierbij wordt voornamelijk gekeken naar de eigen prestaties en het niveau van de cursist en worden hem handreikingen gegeven voor de voortgang, zodat de cursist blijft werken aan de opbouw en stijl van zijn relaasproces-verbaal dat hij aan het einde van de cursus moet inleveren.